Kloosterhaar: 25e Vjennetocht 12 okt 2013

De Vriezenveense Wandelvereniging “de Deurstappers” organiseert op 12 oktober 2013 vanuit dorpshuis ’t Haarschut in Kloosterhaar de 25e Vjennetocht.

Tot vrijdagmiddag waren de weersspellingen voor de zaterdag niet gunstig. Er werd veel regen voorspeld. Maar vrijdagavond begon het er al een beetje op te lijken dat het nog wel eens mee zou kunnen vallen. En inderdaad, zaterdagmorgen was het droog weer en pas aan het eind van de middag werd er weer een bui verwacht.

We hebben dus onder mooie omstandigheden kunnen genieten van de mooie omgeving van Kloosterhaar. De route liep grotendeels door de Engbertsdijkvenen. Uitstekende bepijld , met zo af en toe zelfs een herinnering voor degene die toch een pijl over het hoofd zagen.

 

Voor een fotoverslag : klik HIER

 

We lopen vandaag de route van de 20 km, omdat we vanmiddag met een stel vrienden de “Nieuwe Wildernis” willen zien, een film over de natuur in de Oostvaardersplassen. Voor iedereen die de film nog niet gezien heeft, het is een aanrader, prachtig wat mooi.

 

Info over Kloosterhaar:

In Kloosterhaar bevond zich een werkkamp aan de Groenendijk

Het kamp werd in 1938 voor de werkverschaffing geopend. Het kamp was geschikt voor 96 arbeiders. De in het kamp ondergebrachte werklozen werden ingezet bij de ontginning van woeste grond. In 1939 ging het kamp over naar de werkverruiming.

Op 10 juli 1942 werd het kamp in gebruik genomen als onderkomen voor Groninger joodse mannen in de leeftijd van 18-55 jaar. Door Duitse maatregelen waren ze “werkloos” gemaakt en moesten ze naar het werkkamp. Ze werden van station Mariënberg met een bus naar het kamp gebracht. Daar moesten ze onder leiding van een NSB-er landarbeid verrichten voor de NederlandseHeidemaatschappij. Later kwamen er joden bij uit Noord-Brabant.

Op 3 oktober 1942 werden de arbeiders afgevoerd. Onder bewaking van Duitse militairen moesten zij naar Bergentheim lopen waar zij bij het NS-station waar ze per trein via Zwolle naar Kamp Westerbork werden gebracht.

Het lege kamp werd vervolgens gebruikt om geëvacueerde gezinnen uit de kuststreek onder te brengen. Deze mensen moesten hun huizen verlaten voor de bouw van de Atlantikwall.